Nieuws

De jury is het eindelijk eens geworden. Wij presenteren jullie: de winnaars van Halloween 2021!

Allereerst nogmaals de lijst winnaars van de White Pumpkin Hunt:

Has van Creij
Lieke Vijverberg
Julika Wever
Vinnie Rutten
Aylin Oomkes
Jayden van Dam
Veerle van Sloun
Joep Konings
Swin vd Leeuw
Roxanne van der Loo
Luuk Boelen
Noud Lammerschop
Mila Janssen
Yentl Belzer
Femke & Ties Broos
Elin van Gemert
Marika Vugs
Iris vd Heuvel
Thijs Hoos
Mees vd Elzen
Beau van Venrooij
Lola Bosters
Kyan van Bergeijk
Xavi van Wissen
Evi van Aalst

De 2 winnaars van de selfie actie zijn:
Daniel Thommassen en Irene Voets

De winnaars van het meest griezelige huis zijn:
Lidia, Jeroen en Max Yorulmaz-van der Laan

En de winnaars van de verhalenwedstrijd zijn: 
Ruud Mars & Janine Staal en Luuk Arts.

Beide verhalen zijn onderaan dit artikel te lezen.

Iedereen nogmaals van harte gefeliciteerd! Jullie ontvangen een mail in verband met het ophalen van de goodiebags. 

De goodiebags zijn mogelijk gemaakt door:

Bakkerij van Keulen
Ballorig
Barbershop Centraal
Be Clever
Beauty Block
Beauty by Irene
Boetiek Gaya
Bol en Bruin: Edelsmeden
Bottles
Bowling en partycentrum de Maaspoort

BrainWash
Breaking League
Burgh
Cappuccino
Darius Barbershop
De Eetbar
De Omslag
De Smulbeer
Etos
Farfallina
FC Den Bosch
Gamma Rosmalen
Gaya
Gigi Coiffures
Hans Anders
Hema
Heroes Den Bosch
Het Kleine Warenhuis
Holland & Barrett
HT Sport
Ici Paris
Indoorski
Intratuin Rosmalen
Jola
Jumbo
Kaizen
Kenza
Kijk Eens
Koffiehuis
Korengoud
La Vittoria Ijs & Chocolade
Likkepot
Living by Fran
New Garden
Meneer Dentz
Moonen Schoenen
New York Pizza
Only For Men
Phone Store Rosmalen
Pour Vous
Primera
Profile van Hassel
Schoenmakerij Rico
Shoeby
Snooker en poolcentrum De Dieze
Store 3
Stylish by Ingeborg
Tof Koekie
Twice
Van de Graaf Mode
Verguld Hertje
Vers Best
Viermakelaars
Visus
Welcom
Willemien
Qwash
Zuiver Aarts

Hier volgen de twee winnende verhalen:

‘Het griezelverhaal van Luuk’

Het regende heel hard. Thuis zat ik met mijn allerbeste vriend een spannende game aan het spelen. Plotseling kwam er een blikseminslag op een loszittende dakpan. Kedeng pats boem!!!!!!!!!!!!!!!!!! We schrokken ons een hoedje! Toen, ineens kwam er weer een blikseminslag. Maar dit keer niet op een loszittende dakpan, maar op de Playstation. De tv

begon te rommelen. Alles wat in de game zat, kwam er ineens uit! In een keer hoorde we een gil. ‘Waaaaahhhhhh’ klonk er uit het huis van de buurvrouw. We renden zo snel als we konden naar de buurvrouw. Daar stond het tovermonster. Een van de gevaarlijkste monsters uit onze game! Toen ging de grond trillen. Daar was het aller, aller, aller gevaarlijkste uit onze game, hij niet alleen heel zwaar, maar ook sterk, slim, kon toveren en kon vuur spuwen! Wacht, zei ik nou vuur spuwen? Ja? Oepsie! Het is: Hij kan lava spuwen!!!! Dit was de aller engste dag van mijn leven! Ik en mijn vriend vluchten naar huis. Toen zag ik in mijn tuin een grafsteen liggen. Ik dacht in mezelf: waar komt dat grafsteen vandaan? Ineens begon de steen te bewegen, een heel eng skelet kwam eruit, we schrokken ons dood! We renden

zo hard als we konden naar binnen, daar zat een vampier. Er liep bloed van zijn mond. Getsiederie, dat was vies. Maar wat we niet doorhadden, was dat achter ons het tovermonster stond. Hij veranderde ons zo in een mier. Maar wat hij dit keer niet doorhad, was dat hij ons in de sterkste mieren ter wereld veranderden. Ik wist zelf dat mieren heel sterk waren, dus ik waagde een poging. Ik kon hem zo optillen! Ik renden naar binnen en gooide hem in de tv. Zo, dat is nummer 1 zei ik tevreden met mijn vriend  in koor. Of toch niet, hij kwam er met gemak weer uit! En niet alleen, maar met honderd anderen! ‘Neeeeeeee!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!’ riepen we. Ze renden de deur uit. Wij renden zo hard als we konden achter hun aan met onze kleine mierenpootjes. Toen verbreekte de betovering. Boem! We

waren weer mensen! Joepie! Maar toen, toen groeide alle dieren. Maar niet alleen dat, ze verdubbelden zich tegelijkertijd! En zal ik je nog vertellen wat er daarna gebeurde? Lees dan snel verder! Of wil je liever dat het verhaal nu afloopt? Ga dan 2 blz. verder.

Het was een supererge nachtmerrie! We probeerden ze te laten verdwijnen, maar we konden niks bedenken als toverspreuk. Toen had mijn vriend iets bedacht. Acrabalasimidoedelweg. Dit was waarschijnlijk de verkeerde spreuk. Want de monsters vervijfdubbelde zich! Dit keer bedacht ik iets. Acramildiewegweizennu. En het werkte voor een deel! De helft ging weg! Ik deed het nog eens. Acramildiewegweizennu. En weer werkte het. Ik bedacht om alles weg te krijgen om

het met z’n tweeën de spreuk op te noemen. En dat deden we. Acramildiewegweizennu. Zeiden we in koor. En ja hoor, alles verdween. We liepen terug naar huis en deden de Playstation weg. Zo, nu kan ons niets meer gebeuren!

Einde!

 

Of toch niet? Lees verder voor een ander einde…

Toen verbrak de spreuk ineens en flitste alle monsters terug in de Playstation. We gooiden de Playstation weg en gingen een spel doen. Nu kan ons niets gebeuren!

Einde!

Nu echt!

Nu volgt het tweede winnende verhaal:

´De schim van Roschmaelen´ 

Ik zat met mijn papa en mama op het terras bij Bottles en zag vanuit mijn ooghoek een schim voorbij gaan. Ik keek op, maar ik zag niets. Ik zakte weer lekker onderuit en las verder in mijn Donald Duck. Maar opnieuw vloog het voorbij, een zwarte schim het leek op een oud opaatje. Hij liep nogal krom en had een soort wandelstok bij zich. “Mama, zie die man daar dan!” En ik wees naar de plek waar ik ‘m net nog zag, maar inmiddels weer was verdwenen. “Wat bedoel je?” vroeg mama. “oh, niks, laat maar, ik dacht dat ik wat geks zag”, zei ik. 

Een paar dagen later waren we bij opa en oma op visite bij de Annenborch. “Opa, wilt u nog eens zo’n spannend verhaal vertellen van vroeger? Toen u zo oud was als ik nu?” vroeg ik. “Och jeetje Fleur, maar dan moet ik terug naar het jaar 1942. En dat was het eerste jaar dat Roschmaelen in de ban was van de schim, dat was geen fijne tijd.” 

“Elke avond deden we uit voorzorg alle deuren op slot en de gordijnen helemaal dicht. Want als de schim langs je deur kwam en hij je aankeek, gloeide twee vuurrode ogen op en kon je er zeker van zijn dat er de volgende dag iets naars gebeurde.” “Hoe zag die schim eruit opa?” vroeg Fleur aan opa. “Het verhaal gaat dat de schim een oude, verbitterde man was. Dat hij zijn leven lang als kluizenaar had geleefd en niemand lief had gehad. Na zijn dood kwam zijn ziel terug op aarde om iedereen de stuipen op het lijf te jagen.” 

“Heeft hij u ook een keer laten schrikken?”, vroeg Fleur. “Jazeker, zei opa. “Het was op een koude winteravond dat mijn vader laat thuis was van zijn werk. Ik kon niet slapen en sloop naar beneden de donkere gang door naar de achterdeur. Ik deed voorzichtig de deur open in de hoop dat ik mijn vader zou zien aankomen, maar in plaats daarvan keek ik recht in de vuurrode ogen van de schim en schrok me wezenloos! Ik zag zijn grote, scherpe tanden en zijn magere lange vingers die mij wilden grijpen. Oh, en zijn vreselijke griebellach.. Haaahahahahaaaa.. Opa deed de lach voor en in de woonkamer was het ineens helemaal stil. “Ik zette mijn voet zonder dat het mijn bedoeling was voor zijn been en hij struikelde. Ik vloog naar mijn kamer, deed mijn deur op slot en zag uit het zolderraam hoe de schim weg strompelde. Sindsdien is hij alleen nog gezien met een grote tak in zijn hand, die hij als wandelstok gebruikte. Maar helaas kon hij er ook hard mee slaan. Dat maakte dat iedereen in Rosmalen nog meer afschuw kreeg voor deze vreselijke verschijning. 

De schim heeft een paar jaar tijd voor zoveel ellende gezorgd in ons mooie dorp, zo erg zelfs dat Roschmaelen een spookdorp werd. Niemand wilde er nog wonen. Er zijn kinderen verdwenen, huizen stonden in brand en als de barrista bij Het KoffieHuysch een cappuccino maakte, kwam er -wat hij ook probeerde- altijd een doodshoofd naar boven in plaats een mooi hartje.” 

Ik luisterde al half niet meer naar mijn opa, want het kippenvel stond al over mijn hele lichaam, toen hij net was begonnen met zijn verhaal. Ineens schrok ik op en dacht ik aan wat ik afgelopen weekend zag op het terras. “Opa! Ik denk dat ik ‘m heb gezien!” “Dat is onmogelijk kind, hij is in 1952 verslagen door de Bossche Moerasdraak. Het was een bloedige strijd, maar uiteindelijk zijn we voorgoed verlost van deze griezel.” “Ja, maar ik heb ‘m écht gezien, opa! Het was in het dorp, ik dacht eerst dat het bij de Halloween versiering hoorde, maar ik zag dat hij óók een stok had, het was alsof hij voorbij vloog, zo snel ging het.” 

“Kind, ik eet mijn schoen op als dat zo is!” Ik was erbij ten tijde van het Moerasdraakgevecht. Ik heb met mijn eigen ogen gezien hoe het gebeurde! Heel het dorp vierde het eind van de schim en er was weer rust en vree in Rosmalen… Je ziet erg wit opa, zei Fleur tegen haar grootvader die nog wat meer achterin zijn grote fauteuil was gaan zitten. “Het zit me toch niet helemaal lekker, antwoordde opa. “Huh, wat bedoel je opa?” reageerde Fleur. 

“Nou ja, Jeanet van hierachter had laatst ook zo’n raar verhaal dat ze iets zwarts voorbij zag vliegen. Maar niemand had haar willen geloven.” 

“Dan moeten we het gaan onderzoeken, opa!” “Dat is spelen met vuur kind, echt geloof me, als dit kwaad weer terug is in het dorp dat gaan er hele nare dingen gebeuren!” 

“Maar dan moeten we het toch juist uitzoeken?!” 

“Nee, dit zijn geen dingen voor jonge meisjes om mee bezig te zijn, haal het uit je hoofd.” 

Diezelfde avond zat opa te prakkiseren in zijn grote stoel. Oma had een grote kop dampende thee gezet en probeerde hem op andere gedachten te brengen. Maar het knaagde en gaf hem een onbehaaglijk gevoel. Hij kon dit niet negeren, er moest iets gebeuren, maar wat? 

Dagen gingen voorbij en het bleef eigenlijk rustig in het dorp. Misschien kon hij het toch maar beter laten rusten, totdat… Oma een boodschap moest halen in het dorp. Ze was wat vergeten en sprong nog even snel op de fiets. Het was al donker, maar de supermarkten waren nog open. Ze schrok van alle pompoenen die overal kapotgeslagen op de grond lagen. “Ach kwajongens”, zei ze in zichzelf om te proberen te kalmeren. Ze had steeds het gevoel dat iets haar achtervolgde. Ze keek achterom, maar zag niks. “Nou snel die boodschap halen, en gauw naar huis” zei ze weer in zichzelf. 

Toen ze naar buiten liep, was het ineens heel hard gaan regenen en onweren. Ze moest wel schuilen. Ze werd steeds zenuwachtiger en wilde nu toch echt naar huis. “Ach wat! Ik ga gewoon door de regen, kan mij het schelen”, dacht ze. Door die harde regen had ze slecht zicht, ze wilde oversteken, maar… liep er nou een man recht op haar af? Hij had een stok in zijn hand. Ze wilde om hem heen fietsen, maar het was al te laat. Zijn stok klemde in haar wiel en ze viel van haar fiets. Ze keek omhoog recht in twee vuurrode ogen! Een vreselijk gekrijs volgde en na een paar seconden was het alsof niets was gebeurd op de bewuste plek waar oma die avond verdween. De volgende dag stond het in alle kranten met grote letters: SCHIM TERUG IN ROSMALEN. Agenten hadden op camerabeelden van de Jumbo gezien hoe oma op haar fiets had geschuild, vervolgens was weggefietst en midden op de straat plots verdween. De vuurrode ogen van de schim hadden het gezicht van oma zo goed belicht dat je de angst in haar ogen zag. Toen werd het duidelijk voor het onderzoeksteam; dit is serieus. Oude archieven werden erbijgehaald en na een nachtje doorwerken was er de volgende ochtend een persconferentie met burgemeester Mikkers. 

“Beste dorpsgenoten, wat we nooit voor mogelijk hadden gehouden, maar wat helaas toch werkelijkheid is geworden: de schim uit 1942 is terug in Rosmalen. We hebben er lang over na moeten denken, maar om te voorkomen dat er nog meer slachtoffers gaan vallen, gaat heel Rosmalen in lockdown voor de komende twee weken. Dat betekent ramen en deuren gesloten houden en blijf zoveel mogelijk binnen. Dit is een dringende oproep aan alle dorpsgenoten! Helaas betekent dit ook dat het Halloweenfeest van aankomende zondag dus niet doorgaat.” 

Fleur ziet de persconferentie aan met tranen in haar ogen. Haar oma is vermist en iedereen moet binnen blijven dit kan niet waar zijn. “Ik moet iets doen, ik kan toch niet gaan zitten afwachten?!” 

Een half uur later gaat bij opa de deurbel. 

“Fleur, wat doe je hier! Je moet binnen blijven!” 

“Opa, we gaan op onderzoek uit, we moeten oma redden!” 

“Ja, dat wil ik ook, maar we kunnen het echt beter aan de politie overlaten.” 

“Nee, ik blijf de komende dagen hier en we verzinnen iets!” “Ik heb al een idee, we moeten de schim uit de tent lokken. ‘s Nachts als het donker is. Hij heeft mij en oma toch gezien? Hij weet natuurlijk dat jij bij het gevecht met de Moerasdraak betrokken was. Hij komt vast terug!” 

Twee nachten op rij gingen ze op onderzoek uit in het dorp, donker gekleed en met beschermende maskers op zodat de vuurrode ogen hen niet zouden verblinden. Teleurgesteld en zonder resultaat keerde ze terug naar het huis van opa. Ze hadden het koud en maakte een warme chocomelk om op te warmen. Fleur leunde verdrietig tegen opa aan. “Ik ben zo bang dat we oma nooit meer vinden.” 

Plots hoorde ze een gek geluid bij de voordeur. “Wat was dat?” Met bonzend hart liep opa naar de deur. Hij zette snel zijn beschermende masker op voor het geval dat. Hij keek door het kleine raampje en zag een verpletterde oranje pompoen op zijn stoep liggen. 

“Hij moet in de buurt zijn, Fleur! Ik voel het!” 

Fleur liep naar de achterdeur en keek de tuin in, ze zag iets bewegen. “Nu, moeten we ons plan uitvoeren!” 

Opa liep naar boven en keek ook de tuin in. Hij zag de schim met zijn stok, dat was zijn zwakke plek. Fleur spande de touwen op die klaarlagen in de tuin en op het moment dat de schim een paar stappen richting het huis wilde zetten, viel hij over het touw. Zijn stok viel uit zijn hand. Met een lange haak hees opa de stok naar boven. De schim kon geen kant meer op. Doordat hij verstrikt zat in de touwen, lukte het hem ook niet om weg te kruipen. 

Opa brulde met zijn meest angstaanjagende stem. “Waar heb je mijn vrouw gelaten?!” De schim probeerde met zijn ogen schade aan te richten, maar het lukte hem niet om in opa’s ogen te kijken. “Vertel me nu waar ze is, anders zorg ik dat de Moerasdraken weer tot leven komen en je voorgoed zullen verbannen!” 

Intussen had Fleur de politie ingelicht en waren ze onderweg naar het huis in alle stilte zonder sirenes. 

“Ik geef je een hint: ‘VAMPIER’ verder zal ik zwijgen als het graf”, zei de schim. 

De politie overmeesterde de schim. Een lange lap zwarte stof werd om zijn hoofd gewikkeld om te voorkomen dat hij nog meer schade zou aanrichten. 

Opa en Fleur vielen elkaar opgelucht in de armen en ze waren blij dat de schim werd afgevoerd. Maar al gauw sloeg de vreugde weer om in verdriet. 

“Arme oma, die kunnen we toch nooit vinden met die stomme hint? Ik heb echt geen idee wat ‘vampier’ betekent. 

Met gemengde gevoelens ging ze weer naar huis. Waar haar vader en moeder ontzettend blij waren hun dochter weer te zien. “Ga maar lekker slapen, lieve Fleur, je zult wel moe zijn!” Vermoeid viel ze al gauw op de bank in slaap. Na een heftige droom schrok ze op en zat kaarsrecht overeind. Alsof iets haar wakker had gemaakt. Ze keek rond. Haar oog viel opeens op een verfrommeld papiertje. Er stond ‘vampier’, het was het briefje van de speurtocht in het dorp, dat ze niet meer had kunnen inleveren vanwege de lockdown. 

Dat moest het zijn! Ze bedacht zich geen moment en stapte op haar fiets. Ze ging langs alle winkels -die inmiddels weer open mochten- waar de witte pompoenen waren verstopt. De winkeliers hadden niks raars gemerkt, ze keek in alle magazijnen en alle kelders, maar niks! 

Uitgeput zat ze bij boekwinkel De Omslag, haar tranen kon ze niet meer bedwingen. “Kom maar even mee meisje, dan maak ik een kop warme thee voor je”. Ze mocht gaan zitten in een klein hoekje op een oude boekenkist waar wat kussens op lagen. 

“Wat was dat?” Ze hoorde een getik, of waren het krassen. Van schrik sprong Fleur op. “Kwam dat geluid nou uit die kist?” 

“Oma!” Riep Fleur. Het getik werd harder. “Oma zit hier in de kist!” 

De kist zat op slot met een sleutel, maar die was nergens te vinden. “Oma, ik heb je gevonden! Ik ben het Fleur, we halen je eruit!” 

Met behulp van de buren wisten ze de deksel open te krikken en kon Fleur eindelijk haar oma omhelzen. Ze was erg verzwakt en ze moest meteen naar het ziekenhuis. Maar gelukkig was ze nog in leven! Zo kon het Halloween feest op 31 oktober toch doorgaan en hoefde niemand meer bang te zijn voor een paar vuurrode ogen. 

Een verhaal van Ruud Mars en Janine Staal

Volg je ons al op Facebook?